Back to the videos
B1NOS Jeugdjournaal · 25 augustus 14:28

Kinderen krijgen steeds jonger een telefoon, helft praat er niet over met ouders

Transcript

  • Wie heeft er in deze klas een
  • smartphone?
  • Oké, dan mogen jullie voor deze ene keer
  • je smartphone pakken, toch juf?
  • Ja, je ziet het. In deze groep 8 op
  • basisschool De Polygoon heeft bijna
  • iedereen een eigen telefoon. En dat is
  • niet zo gek, want kinderen krijgen
  • steeds jonger een smartphone.
  • Mijn eerste telefoon kreeg ik wanneer ik
  • acht eh was. Ik denk negen.
  • TikTok kijken en bellen en chatten en
  • gewoon muziek luisteren eigenlijk. Maar
  • op zo'n telefoon komen kinderen ook
  • dingen tegen die ze niet altijd leuk
  • vinden. En aan hun ouders vertellen ze
  • lang niet altijd over dienare berichten
  • of filmpjes.
  • Eh bijvoorbeeld eh jonge jongens die
  • heel vaak stoer doen en eh alles dat
  • kinderen echt zo boos op elkaar zijn dat
  • ze best wel gemene berichten naar elkaar
  • doen.
  • Vraag je ouders wel eens naar wat je
  • online meemaakt?
  • Nee, niet heel vaak. Ze hebben het wel
  • een paar keer gedaan, maar voor de rest
  • ook niet. Nee.
  • De overheid begint daarom een nieuwe
  • actie. Ze willen dat ouders vaker met
  • hun kinderen praten over wat ze online
  • meemaken.
  • Laten we even wat afspraken over maken.
  • Wij willen dat er eigenlijk die online
  • omgeving veilig is voor jongen. Wij zien
  • daar hele mooie dingen. Ze leren dingen.
  • Ze staan met elkaar in contact en kunnen
  • meedoen. Maar we zien aan de andere kant
  • dat de algoritmes die gebruikt worden
  • gevoelig zijn voor voor verslaving. En
  • dat jongeren dingen zien waar ze van
  • schrikken of die zelf schadelijk zijn.
  • De ouders en oma's van de kinderen op
  • deze school zijn daar al een beetje mee
  • bezig.
  • Gewoon vragen waar zit je op of eh
  • kijken wat voor filmpjes eh ben je aan
  • het kijken? Dat ik gewoon even
  • nieuwsgierig bent omdat je natuurlijk
  • zulke rare dingen hoort over TikTok.
  • Ik praat er wel met haar over van als je
  • mensen je vreemde vraag stellen of als
  • ze het meteen zeggen en soms ziet ze ook
  • een nummer. Denkt ze dat ken ik niet.
  • Dan zegt ze: "Mama, dat ken ik niet."
  • Nou, dan eh kijken we naar dus probeer
  • ik wel aan te geven. Ja. En kinderen
  • hier vinden het fijn als hun ouders
  • ernaar vragen.
  • Als je dan iets naaris hebt, dan kun je
  • je ouders er naar vragen als je het zelf
  • niet durft te zeggen.
  • Al vinden sommigen het minder prettig,
  • want dan bemoeien ze er weer mee en dat
  • heb daar heb ik niet zo heel veel zin
  • in.
  • Waarom wil je dat ze zich er niet mee
  • bemoeien?
  • Want ze maken dan gelijk heel erg zorgen
  • en dan is wel jammer.
  • In een campagne krijgen ouders tips
  • bijvoorbeeld hoe ze het gesprek met hun
  • kinderen moeten voeren.
  • Gewoon normaal tegen de kind praten,
  • niet in een strenge manier.
  • Over de campagne zijn de meningen
  • verdeeld.
  • Ik vind het handig omdat dan kunnen
  • kinderen ook niet per se verslaafde
  • aanraken en ook om hun veilig te houden.
  • Dus elke kind heeft zijn eigen regels
  • thuis. Elke ouder vindt iets anders.
  • Iedereen heeft hun eigen mening. Dus ik
  • denk dat het gewoon eigenlijk aan de
  • ouders is om die keuze te maken en niet
  • aan de ehm regering eigenlijk.
Kinderen krijgen steeds jonger een telefoon, helft praat er niet over met ouders - Dutch video with transcript (B1)