Back to the videos
A2Het Klokhuis · 30 June 13:00

iets Reusachtigs | Doe Het Zelf

Transcript

  • Hallo, ik ben [muziek] Mark en in deze
  • doe het zelf laat ik je zien hoe je dit
  • soort reusachtige dingen maakt.
  • Voor deze doe je het zelf heb je nodig
  • een lapstof. Nog een lapstof van
  • ongeveer hetzelfde formaat. Ijzerdraad
  • kan binddraad zijn of wat dunner
  • ijzerdraad. Een kniptang. een potlood of
  • een pen, een schaar
  • en spuitlijn.
  • Voordat je begint moet je eerst bedenken
  • wat je gaat maken. Dat kan van alles
  • zijn, maar ik ga vandaag zo'n soort
  • bloem maken.
  • De tafel waar je op gaat werken, die
  • gaat vies worden. Dus zorg dat het een
  • tafel is die vies mag worden of zorg dat
  • er een oud laken op ligt of wat oude
  • kranten. Je pakt eerst de stof, die leg
  • je neer. Met een potlood of met een pen
  • ga je dan de bloem uitzetten op de stof.
  • Als je een tekening maakt van je bloem
  • of je andere reusachtig object, eh maak
  • het dan niet te klein. Het mag best
  • groot en het hoeft ook niet zo netjes,
  • want het is gewoon een schets. Dus ik ga
  • even mijn potlood. Zo, hier is een
  • bloemblad en hier is een bloemblad.
  • Het gaat erom dat ik zooteen weet hoe
  • het er ongeveer uit gaat zien. En omdat
  • dit een soort van schets is, hoeft dat
  • helemaal niet zo russisch.
  • De volgende stap is dat we de lijnen die
  • we net hebben gedaan met ijzerdraad na
  • gaan maken. Dat kan dunner draad zijn of
  • iets dikker draad. Dit is binddraad. Dat
  • gebruik ik hiervoor. Met het ijzerdraad
  • ga ik dus de lijnen die ik net getekend
  • heb ga ik volgen. En ook hier geldt
  • weer. Dat hoeft niet heel precies of
  • netjes. En het is belangrijk dat we dit
  • ijzerdraad dat het één lang stuk wordt.
  • Daardoor kunnen we straks de bladeren
  • mooi vormen. Als je al ieder blaadje uit
  • een los stukje ijzerdraad zou maken, dan
  • wordt het helemaal niks. Ik heb nu de
  • contour eigenlijk rond. Dus dan knip ik
  • hem hier af. Dat blijft altijd een
  • beetje wiebelig, maar dat geeft helemaal
  • niks, want dit reizchtig object is
  • misschien ook wel een beetje wiebelig.
  • Daar waar de einde samenkomen brei ik ze
  • even in elkaar. Ik ga hem nu even wat
  • netter maken dat hij goed de blaadjes
  • volgt en dat hij mooi zo vlak mogelijk
  • wordt. Hoeft niet helemaal precies.
  • Zoteen drukt die andere stof het ook
  • aan. Maar zo is het wel redelijk wat ik
  • wil.
  • Om de bloem nog wat extra stevigheid te
  • geven, ga ik eigenlijk de ribben nog
  • maken. De ribben zijn een beetje de
  • bladnerf eigenlijk. Ehm maar ook als je
  • een ander object maakt dan een bloem is
  • het leuk om nog behalve dus de contouren
  • ook dus even wat lijnen door het hele
  • ding heen te maken. Dat maakt het aan
  • het einde leuker en makkelijker om het
  • te buigen. Hier weer even zo ongeveer.
  • Deze blad krijgt een nerf. En die nerf
  • of die rib, hoe je het noemen wil, die
  • laat ik ook weer zo lang mogelijk, want
  • dan kan je hem straks mooi buigen. Dus
  • deze gaat van die naar die. Ik heb nu
  • ook de ribben allemaal ongeveer op hun
  • plek liggen. We gaan zoteen met
  • spuitlijm aan de gang. Dan kunnen we het
  • alles nog even aanduwen.
  • Nu ik mijn object eh klaar heb in draad,
  • schuif ik hem opzij en leg ik de andere
  • stof erbij. De andere stof moet dus even
  • groot zijn als het object wat we gemaakt
  • hebben. Ehm
  • we gaan zoteen dit inspuiten met
  • spuitlijm. Zorg ervoor dat dus de
  • ondergrond eh dus die tafel waarop je
  • werkt dat die vies mag worden. Dus leg
  • daar een krant neer of iets of een oud
  • laken. Want we gaan het inspuiten
  • helemaal eh om de bloemen heen. En ook
  • daar buuiten. En ook dit stuk moet ook
  • helemaal ingespoten zijn. Dus je knoeit
  • altijd een beetje ernaast. We gaan
  • lijmen.
  • Even schudden voor gebruik. En dan gaan
  • we hier spuiten.
  • Eh eerst even testen misschien op een
  • stukje voordat je gaat spuiten. Maak dus
  • lange banen [muziek]
  • overal omheen dat het overal goed zit.
  • [muziek]
  • Andere stuk ga ik dus ook spuiten. Net
  • zo groot dus als het object wat ik
  • gemaakt heb. Helemaal inspuiten. Zeker
  • weten dat overal lijm zit.
  • Als je het ingespoten hebt, moet je het
  • even één tel laten liggen. Het moet mag
  • niet meer nat zijn, maar het moet nog
  • wel blijven plakken. Dat is het nu. Dus
  • we gaan het nu op elkaar leggen. En
  • zodra het op elkaar ligt, ga je het
  • voorzichtig aandrukken dat niet alles
  • weggaat. Doet eerst even het hele stuk
  • en daarna ga je daar waar de draad zit
  • het goed aandrukken. Dat kan gewoon met
  • je vingers. Kan ook met bijvoorbeeld de
  • achterkant van de schaar dat je het even
  • goed aandrukt waar de ribben allemaal
  • zitten en de ijzerdendraadjes. Dat die
  • contouren van je bladeren mooi worden
  • overgenomen. Het is goed belangrijk dat
  • de stof dus daar waar het ijzerdraad zit
  • goed aansluit, want dan blijft het
  • ijzerdraadje mooi op zijn plek zitten en
  • dat gaat dan straks voor het buigen het
  • beste. Je moet dit een beetje snel doen
  • zolang de lijm nog plakkerig is. Te lang
  • wachten. Dan dreigt de lijm op en dan
  • kan je het niet meer goed aandrikken.
  • Nu alles goed is aangedrukt moet de lijm
  • een beetje drogen. En je ziet al aan de
  • stof omdat hij dus dubbel gelijmd is nu
  • dubbel geplakt dat die stof ook een stuk
  • steviger is geworden waardoor het
  • makkelijker wordt zoteen om de bloem te
  • vormen.
  • We gaan nu de [muziek] vorm uitknippen
  • met een schaar. Pas op want die kan
  • scherp zijn. We volgen dus de lijnen eh
  • van het blad. Die blijven ongeveer een
  • hal cm buiten dat ijzerdraadje. Ook hier
  • geldt weer. Het hoeft niet heel strak,
  • heel netjes. Het mag wel, maar omdat we
  • het straks helemaal gaan plooien wordt
  • het toch wel een beetje een rommelig
  • vorm. Dus blijft dus een stukje buiten
  • dat ijzerdraad, zodat de stof aan de
  • buitenkant van het ijzerdraad goed aan
  • elkaar geplakt blijft. Het is fijn als
  • je een goede stofschaar hebt, maar vraag
  • wel even aan je ouders of je die schaar
  • mag gebruiken. Want er zit natuurlijk
  • altijd een beetje spuitlijm nog aan, dus
  • het komen een beetje lijmjes op de
  • schaar. Maar schaar die goed knipt is
  • wel het fijnst.
  • Ehm klaar.
  • Een platgeslagen bloem.
  • Een bloem is natuurlijk niet plat, dus
  • die heeft een beetje bol. Die die
  • blaadjes staan omhoog. Dus dat gaan we
  • vormen. We gaan het ijzerdraad buigen,
  • zodat dat mooie opstaande bloemblaadjes
  • worden. Je mag het best een beetje
  • kneden met het buigen eigenlijk een
  • beetje dat ijzerdraad in vorm kneden.
  • Dat hoef je helemaal niet zo voorzichtig
  • te doen. Dat kan best wel wat hebben. En
  • dan krijg je een reusachtige bloem.
  • Als je nou een kleiner dingetje wil
  • maken, want klein bloemetje, dan eh hoef
  • je niet heel die contouren te maken. Dan
  • kan je met alleen de ribben, daar heb je
  • eigenlijk al genoeg aan. Pakken [snuift]
  • klein stukje stof. stof kan je altijd zo
  • lekker scheuren. Twee stukjes weer. En
  • dan ga ik met ijzerdraad klein bloemetje
  • maken. Zo. Voor zo'n klein bloempje wat
  • ik nu ga maken. Ik weet wel hoe een
  • bloemp ongeveer uitziet met de blaadjes
  • zo. Dus ik ga dat niet schetsen. Ik leg
  • gewoon de ijzerdraadjes neer in een
  • kruis. Ga ik zooteen plakken en dan knip
  • ik daarna de blaadjes uit. Ik zou het
  • niet zeggen, dit wordt een mooie bloem.
  • We gaan ook dit weer eh met lijm
  • inspuiten. Dit is een stukje kleiner,
  • dus hoeft niet zo dik. Wel zorgen dat
  • het overal zit. Je moet een beetje
  • indrogen. Wel kleverig zijn, maar niet
  • nat. En dan leggen we die op elkaar en
  • meteen weer aandrukken. Eerst plat
  • drukken dat die ijzerdraadjes op plekje
  • liggen. En daarna dus weer goed alle
  • ijzerdraadjes aandrukken.
  • Zo. Dus je ziet nu de ribben eh van de
  • blaadjes. Eigenlijk de nerven van de
  • blaadjes worden dit. Ik ga nu de
  • bladeren uitknippen om het ijzerdraadje
  • heen. Zie je? Dat wordt een blaadje.
  • Natuurlijk bij dit ijzerdraadje ook
  • beetje zo half rond. Zo zien blaadjes
  • eruit. Je kan ook eh gekartelde blaadjes
  • maken als je dat mooi vindt. Grotere
  • blaadjes, puntblaadjes.
  • Dat die ijzerdraadjes niet helemaal
  • recht zijn maakt ook niet uit. Want als
  • we straks de blaadjes gaan vormen, dan
  • mag dat ook een beetje krom zijn. Dan
  • knip ik het laatste blaadje.
  • Kleine bloem is ook geknipt. Dus die
  • gaan we nu ook in vorm maken. Die gaan
  • we ook een beetje kneden. Hoeft niet zo
  • netjes. Beetje frommelen eerst. Dan kan
  • je daarna mooi openvouwen en heb je een
  • mooi bloemetje. Als dit kleine bloempje
  • ook gevormd is, dan kan je die
  • bijvoorbeeld bij deze grote bloem mooi
  • in het midden doen. D een soort
  • stamperblaadjes.
  • En klaar is je rusachtige bloem.
  • Dit is de techniek die ik wilde laten
  • zien. Het ijzerdraad met stof, [muziek]
  • met spuitlijn. Maar je kan dit
  • natuurlijk nog gaan versieren, hè. Dus
  • je kan bijvoorbeeld gaan eh gaan
  • schilderen zo'n bloemetje, maar je kan
  • ook een fantasied maken of een raar
  • kruipend wezen. Dit is met witte stof,
  • maar misschien heb je thuis geen witte
  • stof, maar heb je nog wel een oude
  • handdoek liggen waar je iets uit kan
  • maken. Daar kan je ook beestjes van
  • maken. Dieren, blaadjes uit sopdoekjes.
  • Verzin het maar zo gek als je wil.
  • Oké.
iets Reusachtigs | Doe Het Zelf - Dutch video with transcript (A2)