het zelfvertrouwen

self-confidence, self confidence

de or het?

het

Meaning

  • self-confidence
  • self confidence

In a real sentence

  • “Dat geeft echt wel kracht en energie om eh ja, om ook met zelfvertrouwen je oefening te doen.”From this video →
  • “krijgen de leerlingen zelfvertrouwen door net iets over hun grens heen te gaan”From this video →
  • “Dit is Fayen. Zij zingt over zelfvertrouwen hebben.”From this video →

Save this word and practice it later.

Look up another word