zaaien

to sow, to spread

Meaning

  • to sow
  • to spread

Past tenses

Simple past (imperfectum)
zaaide
Past participle (perfectum)
gezaaid
Auxiliary
hebben

In a real sentence

  • “We zouden nu natuurlijk ook gewoon flas kunnen zaaien met dit flasszaad bijvoorbeeld.”From this video →
  • “Noord-Korea en Saudi-Arabië worden ook genoemd als landen die de doodstraf inzetten om angst te zaaien.”From this article →
  • “Boeren die in juni en juli zaaien, kunnen minder gebruiken omdat er tekort is of omdat de prijs te hoog is;”From this article →

Save this word and practice it later.

Look up another word