wegleggen
to put away
Forms you will meet
- leg weg
- wegleggen
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- legde weg
- Past participle (perfectum)
- weggelegd
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “de meeste van hen gaven aan dat ze vaker de tablet en laptop wegleggen en kiezen voor pen en papier.”From this video →
- “Leg weg dat boek.”From this video →
Save this word and practice it later.