voorbereiden

to prepare

Forms you will meet

  • bereid je er zo op voor
  • bereidde voor
  • bereiden voor
  • bereidt de politie zich goed voor
  • bereidt voor
  • voor te bereiden
  • voorbereid
  • voorbereidde
  • voorbereidden
  • voorbereiden
  • voorbereidingen
  • voorbereidt
  • zich beter kunnen voorbereiden
  • zich voor te bereiden
  • zich voorbereiden
  • zich voorbereidt

Past tenses

Simple past (imperfectum)
bereidde voor
Past participle (perfectum)
voorbereid
Auxiliary
hebben

In a real sentence

  • “Het LUMC in Leiden bereidt de komst van een zieke hulpverlener voor.”From this article →
  • “Een deel van de oppositie noemt het juridisch onzeker, milieuorganisaties bereiden rechtszaken voor.”From this article →
  • “Ja, want je ziet dan ook hoe mensen zich ervoor eh hebben voorbereid.”From this video →

Save this word and practice it later.

Look up another word