
verslaan
to defeat, to beat
Forms you will meet
- te verslaan
- versla
- verslaan
- verslaat
- verslagen
- versloeg
Meaning
- to defeat
- to beat
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- versloeg
- Past participle (perfectum)
- verslagen
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “In de groepsfase won Oranje nog 2 0 van Mexico en versloeg het Nieuw Zeeland met 8 6 en Brazilië met 6 1.”From this article →
- “In de groepsfase won Oranje met 2-0 van Mexico en versloeg het Nieuw Zeeland met 8-6”From this article →
- “Alexander Zverev won de US Open in New York door Ben Shelton te verslaan met 6-3”From this article →
Save this word and practice it later.