het verleden
past
de or het?
hetIn a real sentence
- “Ik kan het verleden niet veranderen, maar ik kan wel naar best te kunnen een positieve bijdrage leveren aan het aan het heden en aan de toekomst.”From this video →
- “Broers maakte de fictieve documentaire als student aan St. Joost in Breda, met twee acteurs die haar verleden naspelen.”From this article →
- “In de fictieve documentaire spelen twee acteurs scènes uit haar verleden na.”From this article →
Save this word and practice it later.