de verf
paint
de or het?
deIn a real sentence
- “Iemand smeert rode verf op het monument.”From this article →
- “Vanochtend om 05.15 uur spuiten mensen gele en blauwe verf op het Nationaal Monument op de Dam.”From this article →
- “Het huis heeft plek voor 174 mensen en krijgt in oktober een slechte controle: verf, een bed, slechte blussers, foute zuurstoftanks en geen goede muren tegen vuur en rook.”From this article →
Save this word and practise it later.