
vastzitten
to be stuck, to be detained, to get stuck, to be trapped, to be imprisoned
Forms you will meet
- blijft vastzitten
- kwamen vast te zitten
- vast
- vast komen te zitten
- vast te zitten
- vast zat
- vast zit
- vast zitten
- vastgezeten
- vastzat
- vastzit
- vastzitten
- vastzittende
- zat vast
- zit kort vast
- zit nog vast
- zit vast
- zitten nog vast
- zitten vast
Meaning
- to be stuck
- to be detained
- to get stuck
- to be trapped
- to be imprisoned
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- zat vast
- Past participle (perfectum)
- vastgezeten
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Deze mensen zitten vast in een gebouw zonder drinkwater en elektriciteit.”From this video →
- “Een Nederlands cruiseschip zit kort vast in Keulen.”From this article →
- “Die zit eigenlijk eh vast aan de kop waardoor eh hij aan de andere lijnen blijft vastzitten.”From this video →
Save this word and practice it later.