valsspelen
to cheat
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- speelde vals
- Past participle (perfectum)
- valsgespeeld
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “De agent zocht naar geheime informatie om te valsspelen en hoger te scoren.”From this article →
- “Hij combineerde meerdere modellen en probeerde zo te valsspelen.”From this article →
Save this word and practise it later.