uitdelen
to distribute, to hand out, to give out
Forms you will meet
- deelde uit
- deelden water uit
- deelt uit
- delen uit
- uit te delen
- uitdelen
- uitgedeeld
Meaning
- to distribute
- to hand out
- to give out
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- deelde uit
- Past participle (perfectum)
- uitgedeeld
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “De minister-president van Thailand is er per boot naartoe gekomen om te helpen met het uitdelen van drinkwater.”From this video →
- “En daarom werken ze rechters tegen door dit soort straffen uit te delen.”From this video →
- “Dan zal ik hem een beetje uitdelen over de werknemers”From this video →
Save this word and practice it later.