trots
proud, pride
Also used as: noun
Forms you will meet
- trots
- trotse
Meaning
- proud
- pride
In a real sentence
- “Hij zegt dat hij trots is en dat hij samen met BVB wil winnen.”From this article →
- “Mensen laten dan zien dat iedereen mag houden van wie die wil en dat ze trots op zichzelf mogen zijn.”From this video →
- “Ze was de eerste zwarte vrouw in Oranje, iets waar ze trots op is.”From this article →
Save this word and practice it later.