terugdoen
to give back, to put back
Forms you will meet
- terug dooen
- terug te willen doen
Meaning
- to give back
- to put back
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- deed terug
- Past participle (perfectum)
- teruggedaan
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Hij zegt hij iets terug te willen doen voor de buurt.”From this video →
- “Dames en heren, als je een telefoon hebt, ga je die terug dooen in de bak, want de telefoont is klaar.”From this video →
Save this word and practise it later.