tekortschieten
to fall short, to be insufficient, to fail
Forms you will meet
- schiet tekort
- schieten tekort
- tekort geschoten
- tekortschiet
- tekortschieten
Meaning
- to fall short
- to be insufficient
- to fail
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- schoot tekort
- Past participle (perfectum)
- tekortgeschoten
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Klinieken zitten vol en personeel en middelen schieten tekort.”From this article →
- “De Inspectie JenV en de IGJ concluderen dat de zorg voor Hamza L. (29) op meerdere punten tekortschiet.”From this article →
- “om te beoordelen of partners tekortschieten bij het tegengaan van onder meer dwangarbeid.”From this article →
Save this word and practice it later.