tekortschieten
to fail, to fall short, to be insufficient
Forms you will meet
- schiet tekort
- tekortschiet
- tekortschieten
Meaning
- to fail
- to fall short
- to be insufficient
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- schoot tekort
- Past participle (perfectum)
- tekortgeschoten
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “De inspectie stelde vast dat Enver en de William Schrikker Stichting ernstig tekortschoten en cruciale informatie niet deelden.”From this article →
- “Helikopters brengen steun, maar dat schiet tekort: er is tekort aan rijst, brandstof, schoon water en medicijnen, en mensen worden ziek.”From this article →
- “De Raad van State heeft het luchtvaartverkeersbesluit van vorig jaar vernietigd, omdat de motivering voor een plafond op Schiphol tekortschiet.”From this article →
Save this word and practise it later.