schreeuwen
to shout
Forms you will meet
- schreeuwde
- schreeuwen
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- schreeuwde
- Past participle (perfectum)
- geschreeuwd
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Hij viel Democraten aan, noemde hen 'gestoord' en schreeuwde in de microfoon”From this article →
- “Mijn moeder die eh zat te schreeuwen aan de telefoon met mijn oma en eigenlijk met al mijn familieleden”From this video →
- “Soms zelfs doen alsof ze geschopt worden en schreeuwen tegen de scheidsrechter.”From this video →
Save this word and practise it later.