de schoonmaak
cleaning
de or het?
deIn a real sentence
- “Anderen vinden werk in schoonmaak, industrie, techniek, detailhandel, zorg, ICT of bouw.”From this article →
- “Een kleiner deel zit in schoonmaak, industrie, techniek, detailhandel, zorg, ICT of bouw.”From this article →
- “Sinds begin juni bestrijdt de organisatie het ongedierte met extra schoonmaak, afgesloten voedsel, vallen en een bestrijdingsdienst.”From this article →
Save this word and practice it later.