samenpersen

to press together

Past tenses

Simple past (imperfectum)
perste samen
Past participle (perfectum)
samengeperst
Auxiliary
hebben

In a real sentence

  • “Kijk, hier zitten twee paspoorten nog aan elkaar vast Die moeten eerst nog eventjes zo goed worden sameneperst.”From this video →

Save this word and practice it later.

Look up another word