samenhangen
to be related, to relate
Forms you will meet
- hangen samen
- hangt samen
- hangt samen met
- samenhangen
Meaning
- to be related
- to relate
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- hing samen
- Past participle (perfectum)
- samengehangen
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “De regen hangt samen met een orkaan uit de Baai van Bengalen.”From this article →
- “Verschillen hangen vermoedelijk samen met de bron, omdat oppervlaktewater doorgaans meer PFAS bevat dan grondwater.”From this article →
- “Dalende waterstanden hangen samen met klimaatverandering en met bodemuitholling van de Waal.”From this article →
Save this word and practice it later.