
overleggen
to discuss, to consult, to hold talks, to meet, to confer
Forms you will meet
- overleg
- overlegde
- overlegden
- overleggen
- overlegt
Meaning
- to discuss
- to consult
- to hold talks
- to meet
- to confer
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- overlegde
- Past participle (perfectum)
- overlegd
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “dus gingen ze valsspelen en met elkaar overleggen”From this article →
- “politici druk aan het overleggen over geld”From this video →
- “Rijkswaterstaat overlegt volgende week met waterschappen over maatregelen”From this article →
Save this word and practice it later.