de oudere
older person, elderly person, older people, elderly people
de or het?
deMeaning
- older person
- elderly person
- older people
- elderly people
In a real sentence
- “Bij hoge temperaturen werken organen slechter, ouderen zweten minder en drinken soms te weinig.”From this article →
- “Het kabinet geeft de komende jaren 420 miljoen euro extra voor nieuwe huizen voor ouderen.”From this article →
- “Extra aandacht is nodig voor ouderen, kinderen en mensen die langdurig ziek zijn.”From this article →
Save this word and practice it later.