optrekken

to team up, to accelerate

Forms you will meet

  • optrekken
  • trokken samen op

Meaning

  • to team up
  • to accelerate

Past tenses

Simple past (imperfectum)
trok op
Past participle (perfectum)
opgetrokken
Auxiliary
hebben

In a real sentence

  • “Ongeveer 700 agents trokken samen op gedurende een week en verstuurden zo'n 70.000 berichten via het platform.”From this article →
  • “Inwoners hebben namelijk veel last van auto's die hard optrekken en herrie maken.”From this video →

Save this word and practice it later.

Look up another word