
oppakken
to arrest, to pick up, to arrest take into custody, to apprehend
Forms you will meet
- heeft opgepakt
- is opgepakt
- opgepakt
- oppakken
- oppakt
- pakken
- pakken op
- pakt haar op
- pakt hem op
- pakt op
- pakte op
- werd opgepakt
Meaning
- to arrest
- to pick up
- to arrest take into custody
- to apprehend
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- pakte op
- Past participle (perfectum)
- opgepakt
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Je ziet erin dat mensen worden opgepakt door de Amerikaanse politiegroep Ice.”From this video →
- “Kinderen opgepakt voor geweld in Zaanstad, gemeente wil er iets aan doen”From this video →
- “De politie heeft tot nu toe 35 mensen opgepakt.”From this video →
Save this word and practice it later.