opjagen
to urge on, to pursue, to chase for, to drive up, to go after
Forms you will meet
- jaagde op
- jaagt op
- jagen op
- opjagen
Meaning
- to urge on
- to pursue
- to chase for
- to drive up
- to go after
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- joeg op
- Past participle (perfectum)
- opgejaagd
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Ze zag Ayichew en Janeth Nyuva Mutungi elkaar opjagen aan kop.”From this article →
- “Het jaagde op een vierde wereldtitel op rij en een elfde in totaal, maar Argentinië pakte zijn derde, na 2002 en 2010.”From this article →
- “Golden State heeft een krap salarisbudget, volgens berichten jaagt de club op LeBron James, verlengde Kristaps Porzingis voor twee jaar en 35 miljoen euro en wil ruimte houden voor Draymond Green.”From this article →
Save this word and practice it later.