opbouwen
to build up, to rebuild
Forms you will meet
- bouwde op
- bouwt op
- is opgebouwd
- op te bouwen
- opbouwen
Meaning
- to build up
- to rebuild
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- bouwde op
- Past participle (perfectum)
- opgebouwd
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “De VS bouwde meer troepen en marineschepen op in het Caribisch gebied”From this article →
- “Vanaf augustus bouwde Washington militair op: drie raketjagers, meer schepen, 6.000 troepen en F 35's in Puerto Rico.”From this article →
- “Jetten bouwde snel een politieke loopbaan op met thema’s als klimaat en Europa.”From this article →
Save this word and practise it later.