oordelen
to rule, ruled, to judge
Forms you will meet
- oordeelde
- oordeelt
- oordelen
Meaning
- to rule
- ruled
- to judge
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- oordeelde
- Past participle (perfectum)
- geoordeeld
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “De rechtbank in Den Haag oordeelt dat de Staat te weinig doet voor Bonaire en het klimaat.”From this article →
- “De hoogste bestuursrechter oordeelde dat het ministerie niet aantoont dat een vluchtplafond de geluidshinder reduceert.”From this article →
- “Een jury in Californië oordeelt dat Elon Musk in 2022 aandeelhouders van Twitter misleidde met kritische tweets.”From this article →
Save this word and practise it later.