meekomen

to keep up, to have come along with

Forms you will meet

  • meegekomen
  • meekomen

Meaning

  • to keep up
  • to have come along with

Past tenses

Simple past (imperfectum)
kwam mee
Past participle (perfectum)
meegekomen
Auxiliary
zijn

In a real sentence

  • “En misschien kunnen ze later ook niet goed meekomen in de samenleving.”From this video →
  • “De ziekte is mogelijk meegekomen met trekvogels vanaf de Crozeteilanden, 1800 km verderop.”From this article →

Save this word and practice it later.

Look up another word