meekomen
to have come along with
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- kwam mee
- Past participle (perfectum)
- meegekomen
- Auxiliary
- zijn
In a real sentence
- “De ziekte is mogelijk meegekomen met trekvogels vanaf de Crozeteilanden, 1800 km verderop.”From this article →
Save this word and practise it later.