losmaken
to detach, to set in motion
Forms you will meet
- losmaakt
- losmaken
Meaning
- to detach
- to set in motion
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- maakte los
- Past participle (perfectum)
- losgemaakt
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “vooral bij brand of wanneer een coureur zichzelf niet kan losmaken”From this article →
- “bijvoorbeeld over hoe je omgaat met een hengel of een vis veilig losmaakt van het haakje”From this video →
- “Bij het losmaken van buizen gaat het mis, zegt een woordvoerder.”From this article →
Save this word and practice it later.