leunen
to lean on, to be based on, to rely on
Forms you will meet
- leunen
- leunt
Meaning
- to lean on
- to be based on
- to rely on
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- leunde
- Past participle (perfectum)
- geleund
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “GroenLinks PvdA staat open en wil minder leunen op de VS; de SP vreest een nieuwe kernwapenwedloop.”From this article →
- “Het akkoord zou leunen op een Iraans tienpuntenplan.”From this article →
- “een vernieuwde Siri blijft uit en leunt op Google”From this article →
Save this word and practise it later.