klokken

to time

Past tenses

Simple past (imperfectum)
klokte
Past participle (perfectum)
geklokt
Auxiliary
hebben

In a real sentence

  • In de mannen vier-zonder klokten Lennart van Lierop, Gert Jan van Doorn, Eli Brouwer en Rik Rienks 06.24,10, net voor Duitsland.From this article
  • In de dubbeltwee klokten Melvin Twellaar en Simon van Dorp 06.44,95, drie seconden sneller dan Nieuw Zeeland.From this article

Save this word and practise it later.

Look up another word

klokken in English - SnapHet