de keer
time
de or het?
deForms you will meet
- keer
- keren
In a real sentence
- “Centcom waarschuwt de bemanning meer keren.”From this article →
- “Na de rust scoort Oscar Gloukh drie keer.”From this article →
- “Een hele lange vakantie in één keer weer terug zijn.”From this video →
Save this word and practise it later.