de kaak
jaw
de or het?
deForms you will meet
- bovenkaak
- kaak
- kaken
- onderkaak
In a real sentence
- “Staat je kaak naar achter of juist naar voor?”From this video →
- “De schedel van het Heulmeisje is terug, maar de onderkaak ontbreekt nog.”From this article →
- “Nu ligt de schedel weer in het graf, maar de kaak blijft weg.”From this article →
Save this word and practice it later.