incasseren

to receive, to collect

Forms you will meet

  • incasseerde
  • incasseren

Meaning

  • to receive
  • to collect

Past tenses

Simple past (imperfectum)
incasseerde
Past participle (perfectum)
geïncasseerd
Auxiliary
hebben

In a real sentence

  • “Lisandro Martínez incasseerde geel, raakte geblesseerd en maakte plaats voor Nicolás Otamendi.”From this article →
  • “Met alleen je rekeningnummer kunnen zij niet makkelijk geld incasseren.”From this article →

Save this word and practice it later.

Look up another word