groeten
to greet
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- groette
- Past participle (perfectum)
- gegroet
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Bij haar hotel bij de Arc de Triomphe groet ze dagelijks wachtende fans en danst en zingt ze soms mee.”From this article →
- “Ze groet hen uitbundig en zingt soms mee.”From this article →
- “De paus groet in tien talen, zoals Arabisch, Chinees en Latijn.”From this article →
Save this word and practice it later.