griezelen

to enjoy being scared, to shudder, to feel scared for fun, to be frightened

Forms you will meet

  • gegriezeld
  • griezelen
  • grizelen

Meaning

  • to enjoy being scared
  • to shudder
  • to feel scared for fun
  • to be frightened

Past tenses

Simple past (imperfectum)
griezelde
Past participle (perfectum)
gegriezeld
Auxiliary
hebben

In a real sentence

  • “Dus jij hebt als Kid nooit lekker gegriezeld?”From this video →
  • “In totaal verwachten ze zo'n 500 bezoekers die lekker komen griezelen.”From this video →
  • “Je kan griezelen het beste zien als het gevoel dat je krijgt als je denkt dat er een gevaar is terwijl je eigenlijk weet dat je veilig bent.”From this video →

Save this word and practice it later.

Look up another word