het gezinslid

family member

de or het?

het

In a real sentence

  • Het gaat om 3 mensen met een werkvisum, 21 studenten en 18 meereizende gezinsleden.From this article
  • Op Schiphol landden vandaag 42 Palestijnen uit Gaza, onder wie 3 met een werkvisum, 21 studenten en 18 gezinsleden.From this article

Save this word and practise it later.

Look up another word

het gezinslid in English - SnapHet