gelijkmaken

to equalize, to tie

Forms you will meet

  • gelijkmaakte
  • maakt gelijk
  • maakte gelijk
  • maakten gelijk

Meaning

  • to equalize
  • to tie

Past tenses

Simple past (imperfectum)
maakte gelijk
Past participle (perfectum)
gelijkgemaakt
Auxiliary
hebben

In a real sentence

  • “Vijf minuten voor tijd maakte Shiloh 't Zand, die door Feyenoord aan Fortuna wordt verhuurd, gelijk.”From this article →
  • “Daarna maakten de Rays gelijk met een slag van Jonny DeLuca.”From this article →
  • “De Italiaanse club komt eerst op voorsprong, maar Zechiël maakt kort daarna gelijk.”From this article →

Save this word and practice it later.

Look up another word