
geboren
to be born, born
Also used as: adjective
Meaning
- to be born
- born
In a real sentence
- “Dus hè Ja, bijzonder. Ja, kijk maar eens naar dit plaatje. Vanaf midden september worden er in Nederland altijd veel kinderen geboren met de piek dus op vandaag dik 44.000 op 30 september.”From this video →
- “Bert Blyleven komt er in 2011 ook in en is de enige speler die in Europa is geboren.”From this article →
- “Die is geboren in Flappers.”From this video →
Save this word and practice it later.