evacueren
to evacuate
Forms you will meet
- evacueren
- geevacueerd
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- evacueerde
- Past participle (perfectum)
- geëvacueerd
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Hulpdiensten hebben bijna 80.000 mensen geëvacueerd en zoeken nog naar 80 mensen.”From this article →
- “Hulpdiensten evacueren bijna 80.000 mensen.”From this article →
- “Uit voorzorg evacueerde de politie bewoners van vier huizen.”From this article →
Save this word and practice it later.