het echtpaar
married couple, couple
de or het?
hetMeaning
- married couple
- couple
In a real sentence
- “De politie hield drie verdachten aan, onder wie een Cubaans echtpaar.”From this article →
- “Eerder stierf een Nederlands echtpaar dat meevoer; bij één van hen is besmetting bevestigd.”From this article →
- “Eerder overleed een Nederlands echtpaar van het schip”From this article →
Save this word and practice it later.