buitmaken

to steal, previously captured, to take away, to take as loot, stolen

Also used as: adjective

Forms you will meet

  • buitgemaakt
  • buitgemaakte
  • buitmaakte

Meaning

  • to steal
  • previously captured
  • to take away
  • to take as loot
  • stolen

Past tenses

Simple past (imperfectum)
maakte buit
Past participle (perfectum)
buitgemaakt
Auxiliary
hebben

In a real sentence

  • Op 12 februari werd bekend dat gegevens van 6,2 miljoen klanten van Odido en Ben waren buitgemaakt, zoals namen, adressen, telefoonnummers, bankrekeningen en paspoortnummers.From this article
  • Odido weigert losgeld te betalen aan hackersgroep ShinyHunters, die deze maand miljoenen klantgegevens buitmaakteFrom this article
  • Ambrey denkt dat de daders opereren vanaf een eerder buitgemaakte Iraanse vissersboot; Iran bevestigt dat niet.From this article

Save this word and practise it later.

Look up another word

buitmaken in English - SnapHet