de bouw

construction

de or het?

de

In a real sentence

  • “Een kleiner deel zit in schoonmaak, industrie, techniek, detailhandel, zorg, ICT of bouw.”From this article →
  • “Eerder legden havenwerkers het werk neer en de komende dagen volgen afval, schoonmaak, metaal en bouw.”From this article →
  • “Bij de bouw telt het advies van Unesco niet mee.”From this article →

Save this word and practice it later.

Look up another word