de boer
farmer
de or het?
deIn a real sentence
- “We gebruiken dit water voor drinkwater, voor boeren en tuinders, en voor schepen in kanalen en meren.”From this article →
- “Veel mensen en boeren vragen juist om water.”From this article →
- “Boeren mogen geen water meer uit het kanaal halen voor het sproeien van gewassen.”From this article →
Save this word and practice it later.