de bezoeker
visitor
de or het?
deForms you will meet
- bezoeker
- bezoekers
In a real sentence
- “Tot nu toe kwamen ruim 600.000 bezoekers kijken.”From this article →
- “Bezoekers kunnen het straks zien bij Museum Batavialand, op korte afstand van de oude ligplaats.”From this article →
- “De burgemeester houdt een karaokefeest voor 10.000 bezoekers.”From this article →
Save this word and practice it later.