bezetten
to occupy, occupied
Also used as: adjective
Forms you will meet
- bezet
- bezette
Meaning
- to occupy
- occupied
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- bezette
- Past participle (perfectum)
- bezet
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Rusland heeft nu het gestreepte deel van Oekraïne bezet.”From this video →
- “de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever”From this article →
- “Het Israëlische leger bezet een deel van Zuid-Libanon.”From this article →
Save this word and practise it later.