beslissen
to decide, decisive
Also used as: adjective
Forms you will meet
- beslissen
- beslissende
- beslissing
- beslissingen
- beslist
- besliste
Meaning
- to decide
- decisive
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- besliste
- Past participle (perfectum)
- beslist
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Iemand die beslissingen voor hen kan nemen.”From this video →
- “Dit jaar start het onderzoek en de minister beslist daarna.”From this article →
- “die over de opvolger van de hoogste leider beslist”From this article →
Save this word and practise it later.