belegeren
to besiege
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- belegerde
- Past participle (perfectum)
- belegerd
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Bosnisch-Servische troepen belegeren Sarajevo 4 jaar.”From this article →
- “Sarajevo werd vier jaar belegerd door Bosnisch-Servische troepen; ongeveer 11.000 inwoners kwamen om.”From this article →
Save this word and practise it later.