arresteren

to arrest, arrested

Meaning

  • to arrest
  • arrested

Past tenses

Simple past (imperfectum)
arresteerde
Past participle (perfectum)
gearresteerd
Auxiliary
hebben

In a real sentence

  • “De vermoedelijke schutter is gearresteerd; president Trump zegt dat hij zwaargewond is.”From this article →
  • “Israëlische soldaten kwamen om het geweld te stoppen, arresteerden vier kolonisten en droegen hen over aan de politie.”From this article →
  • “De politie arresteerde ook een 32-jarige die bezoekers beledigde, en zoekt nog naar een derde man die een andere vlag beschadigde.”From this article →

Save this word and practice it later.

Look up another word