afzien

to give up, to refrain from

Forms you will meet

  • af te zien
  • afzien van
  • afziet van

Meaning

  • to give up
  • to refrain from

Past tenses

Simple past (imperfectum)
zag af
Past participle (perfectum)
afgezien
Auxiliary
hebben

In a real sentence

  • Oekraïne is bereid af te zien van NAVO-lidmaatschap, zegt president Zelensky.From this article
  • Minister Wes Streeting verzoekt zorgvakbonden af te zien van stakingen vanwege de druk op ziekenhuizen.From this article
  • En daarmee hopen we ook dat automobilisten toch echt gaan afzien van het gebruik van de mobiele telefoon tijdens autorijden.From this video

Save this word and practise it later.

Look up another word

afzien in English - SnapHet