afstaan
to give up, to hand over, to cede
Forms you will meet
- af te staan
- afstaan
- staat af
- zou afstaan
Meaning
- to give up
- to hand over
- to cede
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- stond af
- Past participle (perfectum)
- afgestaan
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Sigrid Haugset ziet haar ruime marge verdwijnen en staat het geel af na 3.05 verlies”From this article →
- “Hij verwees naar een plan met 15 punten en beweerde dat Teheran zijn hoogverrijkt uranium wil afstaan.”From this article →
- “Hij noemde een plan met 15 punten en zei dat Iran zijn voorraad sterk verrijkt uranium zou afstaan.”From this article →
Save this word and practice it later.